• Vrouwen hebben een kleiner brein…..

    “Vrouwen hebben een kleiner brein dan mannen, maar hun hersenen werken efficiënter”. Triomfantelijk buitelt het mailtje onze vrienden-WhatsApp-groep “G. Rardus” binnen. Margriet stuurt het middels een fotootje, met bronaanduiding: University of Cambridge. De bronaanduiding is even vaag als de stelling zelf. Dat geeft voldoende bodem voor hilariteit. Mijn tegenargument, waarom er dan zo weinig vrouwen in de top van het bedrijfsleven zitten, wordt met gehoon en tekstueel gejoel ontvangen door ons feminiene deel.

    Vriendin A prikt terug: “ik zie daar bij “o-vale-da-mudança” toch ook een topvrouw”. Ik kan dat niet ontkennen maar het dekt niet mijn standpunt. We hebben een top bedrijf en oogsten veel waardering bij onze gasten maar ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat we, globaal gezien, toch een heel klein, om niet te zeggen microscopisch, flintertje zijn in de o-zo-grote-toerismebranche.

    “Vrouwen hebben een kleiner brein dan mannen, maar hun hersenen werken efficiënter”. Ik sta onder de douche, overdenk de stelling nog eens. We gaan zo naar Lissabon. De vernissage van mijn expositie “eqiulíbrio”. Mijn gedachten worden onderbroken. “Hallo, HALLO… wat zal ik aan doen”. Onder stromend water hoor ik niet, mijn apparaten kunnen daar niet tegen. Ik steek mijn hoofd uit de waterstraal, ik heb twee keuzes: “Dat groene jurkje of mijn spijkerrok”.

    Ik denk: mijn vernissage, Lissabon, wereldstad, mondain. Doe die strakke, groene jurk maar, die staat je zo sexy.

    “Wat is er mis met mijn spijkerrok? Vind je die niet goed”

    ZUCHT…….

    Ik steek mijn hoofd weer in de straal: “…efficiënter?”.

  • Wát, heeft onze site geen blog???

    De aanrader van 2019: wat doet je website nog zonder blog? Wat doe jij nog zonder blog?

    Natuurlijk, je houdt vrije tijd over. Tijd voor een drankje terwijl je niets doet. Wat mis je? Niets, of het moet zijn dat je het leuk vindt om je bezigheden te delen met je wereld, anekdotes die de moeite van het vertellen waard zijn en vooral ingaan op het leven in Portugal en informatie geven over een ander stuk van Europa. Wat maakt Portugal zo’n leuk, soms raar of in ieder geval ander land dan Nederland en België. Hoe mooi is het om een tip van de sluier op te lichten van een land waar het zo verdomd prettig is om op vakantie te gaan, waar we nog steeds nieuwe dingen ontdekken, meemaken, beleven. En hoe leuk is het als je door je schrijfsels mensen enthousiast maakt en reacties krijgt over hun ervaringen. Bijkomend voordeel: het houdt het je scherp, creatief en maakt zelfs slimmer… hoewel dat laatste natuurlijk niet echt meer hoeft 😊.

    Het is warm. De hitte van de middag eist verkoeling. We bestellen Limonada op het terras voor de Philharmonia. Midden in Ferreira do Alentejo. Een leuk dorp… sorry stad. Het bestaat al lang. De festiviteiten waren 2 jaar geleden. Koning Dinis had 500 jaar daarvoor stadsrechten uitgedeeld. Het stadje kennen we daar al 3% jaren van. In december 2004 waren we hier voor het eerst. We hadden prachtig weer die week. Kijkend of we in Portugal wilden wonen en waar dan. De streek Alentejo sprak ons aan. Weidse vlakten, beboste heuvels met kurkeiken en aanverwant spul. Dat dit landschapstype “montada” werd genoemd hoorden we pas jaren later. Dat Ferreira do Alentejo het niet ging worden wisten we direct: het was koud, moesten aan de Alentejaanse melancholie wennen. Er was betaald parkeren in de straat waar Margriet een klein kledingwinkeltje zag. Iets wat we nog in geen enkel dorp op onze ontdekkingstocht waren tegengekomen: betaald parkeren.

    We wisten toen niet dat we er twee jaar later een stuk grond zouden kopen. Vol met kamille en hoog groen. De verrassing van de eeuw want het bod dat we deden was voor een stuk grond dat overwoekerd was met distel en dorre bomen. Stijve eucalyptussen stond als droge wachters de aanjagende noorderwind op te vangen. Kleine tornado’s joegen door het stof en de bloedhitte steeg zinderend boven de heuvels. Verhoutte olijfbomen stonden gekreukeld en knokig verspreid over de 5 hectare betonklei, die trok aan, stootte af, als een weerbarstig magneet, wel… niet… wel… niet… Het terrein had iets, of niets, of toch. We kregen er de vinger niet achter, liet ons niet los. Terug in het dorp sloeg de warmte nog harder binnen. De zon doorstoofde de Portugese calçadas. Het vage terras, voor het clubhuis van de fanfare op het plein, was er nog niet. Je kon er wel iets drinken, binnen in de koelte van dikke muren en hoge plafonds. Glorie uit vervlogen tijden, foto’s van dik besnorde en buikige ereleden. Het werd een Portugees drankje, dorstlessend, eenvoudig en verfrissend simpel, iets met citroen, ijswater, een muntblaadje: Limonada.

    Met de frisheid van de citroenen kwam het inzicht. Het terrein had potentie. Het was niets, droge dorheid misschien. De streek had water…in de grond. Er was iets van te maken. En bereikbaar met een asfaltweg, precies tussen vliegvelden: Lissabon en Faro. Inzicht werd enthousiasme, een bod, een koop.

    Wat we toen niet wisten: hoe een web blog was. Bloggen bestond niet in onze wereld. De grondaankoop was een droom, werd enthousiasme, de schouders eronder, een gastenstek, een woonplek, een vakantieverblijf, een vakantiebedrijf en bovenal een plaats om de liefde voor Portugal te delen met anderen. Er kwam een website, daarna een vernieuwde website met een podium en uitlaatklep om verhalen te vertellen en toekomstige gasten hun dorst naar informatie en kennis over Portugal en o-vale-da-mudança te lessen met verfrissende, simpele en soms kruidige informatie. Onze blog was geboren: Limonada.

    Onze blog Limonada is sinds augustus 2016 te lezen via onze website en omdat we het leuk vinden om over Portugal te schrijven doen we dat sinds februari 2019 ook elke 4e donderdag van de maand op saudadesdeportugal onder de naam Kronkelpad.

  • Rota Turbulência, 10 jaar onderweg: de gordijnen zijn eindelijk gewassen…

    De wasmachine draait. Ik zit in de auto te wachten tot hij klaar is. Er staan mensen ongeduldig naar mijn draaikolk te kijken. Nog 10 minuten, dan is 10 jaar geschiedenis schoongespoeld. Het klinkt absurd en het is wat het is: 20 februari 2008, het jaar dat we ons hier in Portugal vestigden. Op de locatie waar nu mijn gordijnen schoongespoeld worden stond toen bijna niets. Een scheef gezakt betonnen bankje, soms steun gevend aan een zwartgekleed oudje die met haar boodschapjes net de parkeerplaats afgestrompeld was, soms ankerpunt voor wat losgeslagen jeugd, verveeld wachtend op een van de weinige bussen van of naar school.  De parkeerplaats van toen-ook-al-Intermarché zag er verlaten uit. De supermarkt zelf stonk en leidde duidelijk aan armoede. Inmiddels is de afgebladderde gevel vervangen door nieuwe frisheid. De moderne huisstijl die iedere Intermarché nu siert. De visafdeling ruikt fris en het assortiment is vermondialiseerd…. EN ik kan tegenwoordig gordijnen wassen in een grote 18kg trommel voor “weinig”. Je kunt zeggen dat Portugal langzaam onder een vale grauwsluier uit kruipt. Het is prettig om te zien dat in dit door ons gekozen nieuwe woonland, de mensen het ook steeds beter krijgen en er een groter aanbod is van producten en luxe. De keerzijde is dat we ongemerkt opmerken dat er veel van de tradities en oude gebruiken, waar we zo op vielen, verdwijnen. De globalisering raakt dit land hoewel het altijd wel ruim, zonnig en stil zal blijven.

    De toeschouwers worden onrustig, er draait niets meer. Ik neem de wasmand uit de auto en haal mijn gordijn uit de trommel. Ik ga ze thuis ophangen. Voor de tweede keer. Ik realiseer me dat ze in de 10 jaar dat we hier wonen nooit gewassen zijn. Het kwam er niet van. Ze hingen er, onderdeel van de dagelijkse routine, onopgemerkt onderdeel van ons bestaan. Stille getuige van wat we de afgelopen jaren aan goede en slechte ervaringen hebben meegemaakt. Dat is niet helemaal juist want ons avontuur begon twee jaar eerder met de aanschaf van de grond. Er was toen nog geen huis om gordijnen op te hangen, wel de plannen en het enthousiasme over de plek, de stilte, de rust, iets nieuws opzetten met z’n tweeën. Na jaren dromen startte de realisatie en het over de grens gaan. Ineens stonden we in onze wei: een heuvel van 12 meter hoog, een stroompje, 35 olijfbomen e-mais-nada. We kenden de plek vanuit de zomer in 2005. Dor, droog, bruin, distels en zilver grijsgroen van olijvenbomen. Weerbarstig joeg de wind zijn typisch Alentejaanse tornado’s vol stof en eucalyptusfris over het land. ONS land. In maart 2006 kwamen we terug om te tekenen. De lente frisheid spatte van het land. Regenwaterstroompjes liepen over de weg, de beek was gevuld en 10 meter breed, 50 kleuren groen. Op ons terrein overal kamille, alom nieuw leven en wij waren daar onderdeel van. Het begon te groeien. Het ouderlijk bezoek in juni (wat gaan die kinderen nu weer doen), praten over plannen, de boorput, hulp van Portugese zijde, de stadsarchitect, familie-interesse, de caravan brengen met “ons pa”, het pomphuis, de eerste irrigatie met behulp van onze kunst-vrienden, BBQ-en op ons eigen terrein, steun uit de buurt, nieuwe vrienden, dorpsgenoten, onze honden: het gaf ontzettend veel positieve energie. Genoeg om de voorbereiding om te zetten in weloverwogen daden en 10 jaar geleden definitief hier te komen. Natuurlijk waren er ook trubbels en ik zou een neus hebben in het kwadraat van die van Pinokkio als ik beweerde dat we er nooit doorheen zaten. Gelukkig hadden we elkaar, goede vrienden, fijne familie, hele goede onderaannemers en contacten met oude collega’s in Nederland waardoor we verschrikkelijk veel veerkracht en mogelijkheden kregen om onze droom te blijven realiseren…… EN we hadden de overkant.

    De overkant, de andere kant van ons dal, of moet ik zeggen de tweede heuvel op ons terrein. Van pallets hebben we 2 stoelen gemaakt op de top. Ons rustpunt. Uitkijkpunt naar heuvel een. Onze Mirador, vanwaar we de resultaten van onze arbeid rustig konden bezien. Stilteplek, brenger van nieuwe hoop en kracht als het even tegenzat of we moe waren van het werk. Het gastenhuis kwam af met hulp van collega’s, ons eigen huis volgde maanden later, de gordijnen werden opgehangen. Onze eigen, veilige plek een feit.

    De gasten kwamen, brachten enthousiasme mee en meters geduld. Het terrein werd ontwikkeld, het zwembad, de cabana, de pizza-oven. Het huizenbestand mochten we uitbreiden en beheren, eerst een, later een tweede. Er kwamen meer gasten, er kwamen gasten terug, soms wel voor de zevende keer (hoe mooi is dat?). Af en toe splitsen onze wegen in twee gescheiden rijbanen dezelfde richting in. Er moet worden bijverdiend in Nederland, gedraaid worden in Portugal. Gevolg van een keuze en brenger van nieuwe ontwikkelingen: De Herdershut. Inmiddels hebben we er 2: Choupana Abilardo en Choupana ChicoZé. Beide hutten, gebaseerd op oude wagens uit de streek en vernoemd naar schaapherders uit de buurt die we de afgelopen 10 jaar hebben leren kennen en helaas ook weer moesten loslaten: herder zijn is een uitstervend beroep.

    We zijn weer thuis. Hangen het gordijn op. Tien meter parelgrijs verduisteringsdoek met een hoogte van tweeënhalve meter. De wasbeurt, in samenwerking met het sterkere uv-licht hier, heeft iets moois toegevoegd aan de stof. Het is frisser, schoner en er zit een interessant patroon aan de achterzijde van het anders zo effen grijze gordijn. Het lijkt of een kunstenaar een motief heeft geëtst in de backout-laag. Delen zijn weggespoeld en vormen het motief van een groot bladerdak waar de zon doorheen speelt. We worden er vrolijk van. Zon en Schaduw die samen iets nieuws en moois creëerden: een nieuw gordijn met 10 jaar ervaring. We gaan het andere gordijn ook doen.

  • Nieuwjaars Duik o-vale-da-mudança

    De oliebollen, de champagne en de swingende, opzwepende klanken van Nelson Freitas, suizen nog lichtelijk na in mijn hoofd. Het oud en nieuwfeest op het Praça de Republico in Beja, viel ook dit jaar weer in goede aarde. Gezelligheid, fijn publiek, aangename temperatuur en een fantastisch vuurwerk luidde voor ons, en vele anderen, het nieuwe jaar in.

    De korte nachtrust die volgde weerhield ons er niet van om na te denken over de actie die o-vale-da-mudança zou gaan doen om het nieuwe jaar een bruisende start te geven.

    Het zonnetje zorgde al vroeg voor een hele prettige warmte. De gasten in Casa a Oliveira genoten al in de zon op hun ontbijtterras en ook in de beide Choupanas dos Pastores was al beweging te bespeuren. De gasten van Choupana Abilardo zaten heerlijk te genieten van een zonnig ontbijt en zwaaide vrolijk naar ons toen we buiten kwamen. De dames hadden bij aankomst al aangegeven dat ze de jaarwisselingsgekte en -hectiek in Lissabon wilde ontvluchten en heerlijk met z’n tweeën wilde genieten van de rust en de natuur en dat gold ook min of meer voor het stel dat deze dagen Choupana ChicoZé bewoont.

    Rust, natuur, geen massagebeuren……… dat past niet bij ons idee voor een heuse o-vale-da-mudança-Nieuwjaars-duik….. Wat te doen? Wij waren wel toe aan een heerlijke frisse ervaring. We voelden de koude natheid bij wijze van spreken al onze energie stimuleren…. Alleen ons zwembad, dat was niet zo’n goed idee…… het waterpeil stond in een lage winterstand en dat doet zeer bij het duiken.

    Waarom niet naar zee? Het is een klein eindje, een autotrip van krap drie kwartier en dan zijn we in Porto Covo met zijn heerlijke stranden tussen imposante rotspartijen. Lekker besloten met een prachtig zicht op de Atlantische oceaan. Fris turquoise, ruige golven, verlokkelijke schuimkoppen een Nieuwjaars duik meer dan waardig.

    Het was moeilijk kiezen welk strand ten noorden van Porto Covo we uiteindelijk zouden nemen om in alle rust onze Nieuwjaars duik te ondergaan: praia do Salto, praia da Cerca Nova of toch praia do Samoqueira. Prachtige inhammen tussen brokkelende rotsen, mooi, ruig en verfijnd tegelijk. Uiteindelijk werd het Praia Grande do Porto Covo. Royaal, iets meer mensen dus sociale controle, altijd prettig mocht je toch bevangen worden door het al te koude vocht.

    Het was aangenaam warm in de baai, de sjaals gingen af, gevolgd door de truien….. We hadden er beiden ontzettend veel zin in, zelfs ik, die nog niet eens van de rand van zijn eigen zwembad durft te springen. Het ging traag. De branding rolde met regelmatige donderslag op het witte zand. Luna rende er achteraan en hapte in het schuim. Eindelijk waren wij ook zover. Nog even en dan…….

    We doken gretig op het koele, witte schuim. Wat is een fris koud pilsje toch zalig als je op een warm terras in het zonnetje zit te genieten van dat prachtige uitzicht op een onstuimige zee. Wat ons betreft mogen er nog meer “Nieuwjaars duiken” volgen dit jaar.

    Strandtent Praia Grande do Porto Covo, ideale uitvalsbasis voor een “nieuwjaars duik”

  • Valentijn’s beton

    De poort van Ninho da Cegonha sluit achter ons. Onze gasten zorgen een nacht voor huis, haard en hond. We rijden het korte zandpad af en draaien rechts de smalle asfalt weg op. Kurkeiken en glooiende akkers. We passeren Olhas en slaan bij de 2e groene container linksaf richting Lissabon. Anderhalf uur later parkeert Margriet de auto op het trottoir voor het hotel van een Franse keten. Bekende kwaliteit dicht bij mijn doel voor morgen. De receptie hangt vol met hartjes en er is een welkomstvoucher voor twee glazen champagne. Wat gebeurt hier en kijk Margriet vragend aan. Ze kijkt lachend terug…. We gaan eten, happen sushi en ander Japans. Ook hier harten, rozen en rood. 14 februari, “Dia dos Namorados”, de Portugezen zijn er dol op. Ik heb de romantiek van een blok beton.

    Het is 6 uur. Ik spring uit bed met de snelheid van een slak in slowmotion, het moet. Buiten en beneden houd ik een taxi aan. “Muito caro” roept de chauffeur. Zijn zoon is er bevallen, althans diens vrouw, van zijn eerste kleinkind. Voor de tweede werd het een ander ziekenhuis. De ontvangsthal is leeg, de balie onbemand, het nachtlicht brand. Een pijl verwijst naar links, “emergencia”. Ik twijfel, wordt teruggestuurd. Wachten is mijn deel.

    Eerder ontdekte ik een vreemde verdikking naast het-eiland-der-edele-leden. Ik stond voor de spiegel, het hoogseizoen begon. Het schrijnde soms licht. Toen onze olijvenpluk voorbij was en de stilte kwam besloot ik om er in Nederland wat aan te doen. Waarom? Was het gebrek aan vertrouwen in Portugese geneeskunst? Angst omdat alle oude mannen van ons dorp niet meer terugkwamen uit het naburig ziekenhuis. Vaarwel Chico, bult in zijn nek. Vaarwel Abilardo, bult op zijn hart. Vaarwel Mendes, bult in zijn long…. Was het het vreemde kraambezoek aan een net bevallen vriendin: een veel te hete kamer vol krijsende en kreunende bevallenen. Militairen voor iedere kamerdeur en toegang voor een enkele bezoeker per keer? Was het de uitstraling van ons Centro de Saude. Een jaren 50 monument der antieke geneeskunst waar de microben je van alle kanten belaagden als je door de klapdeuren naar binnen liep? Was het gewoon praktisch? Een dagbehandeling in een liesbreukcentra in Nederland gedurende mijn verblijf in december? Of was het een onder- of onbewust gevoel van superioriteit als het ging over medische wetenschap in beide landen? Dat laatste zou schandelijk zijn weet ik en toch had ik alles op orde voor de kleine operatie in Nederland. Zelfs de verwijsbrief van mijn Portugese huisarts vertaalde ik. Ik moest afblazen. Mijn verzekering betaalde en bepaalde anders.

    In januari start ik de procedure voor een behandeling hier. Het moet in Lissabon gebeuren. Paulo Roquete wordt mijn chirurg. Het schept vertrouwen, iemand met zoveel ruimtevaart technologie in zijn naam. Ik fantaseer zijn technische uitleg: via een sneetje naast de navel start het videoduikbootje van professor Barrabas de tocht door mijn laagje buikvet, op zoek naar de Marianentrog met het zich roerende monster daar ver in de diepte, vlak naast het eiland der edele leden. Na lokalisatie komt het onderzeefregat van kaptein Haddock, via een heupsnee en tussen huid en buikwand, om een groot net over de kloof te gooien en zo het monster op zijn plaats te houden. Tot slot is er nog een kleine incisie nodig tussen de navel en het eiland-der-edele-leden. Kuifje en Bobbie zouden zich in hun duikpakken in de vettige lava begeven, het net fixeren en het gevaar blijvend bezweren. Stripboeken lezen paste niet in mijn opvoeding.

    Beweging achter de receptiedesk, een vriendelijke jongen stuurt me naar boven. Lift 1. De volgende is aan de beurt. Ik struin naar de lift, druk op glazen plaatjes met rondjes en neem geen beweging waar. Druk nog eens op het beronde glasplaatje en wordt op mijn schouder getikt. Het gezicht van de vriendelijke receptiejongen kijkt me licht-meewarig aan en wijst me naar de personenlift nr 1, net om de hoek. Toch nerveus?

    De formaliteiten zijn kort. Uitleg over de opname. Een luxe eenpersoonskamer, kostbaarheden worden in bewaring genomen. Ik kleed me om in de spullen die de verpleegkundige me gaf en ga op bed liggen. Acht uur, 2 groene mensen cart-racen me door het ziekenhuis. Plafonds met weggewerkte tl-armaturen, onderkanten van bovendorpels, stucwerk, roosters en rasters. Diagonaal links loopt een verpleegster mee in mijn gezichtsveld. Ze heet Eleanor zegt ze. Een praatje, engelse uitleg, controlevragen. De lift. “Mind the gap between the train and the Railway station” herinner ik een vakantie in Hong Kong als ik in de spleten kijk tussen lift en schaft. We zakken, we stijgen? Mijn behendige coureur parkeert me tegen een wand. Wenst me good luck en tikklopt vriendschappelijk op de greep van mijn bed als teken van afscheid. Koude overvalt me, een andere verpleegster hangt een zak vloeistof aan de bedstang en een luchtslang onder mijn lakens. Aangenaam warme lucht wordt mijn bed ingeblazen. De chirurg komt langs, stelt me gerust in Engels en Portugees.

    Het plafond van de OK is van roestvast staal. Er hangt een stalen octopus in het centrum van geperforeerde platen. Ik wordt in positie gereden. Op zijn kop verschijnt het jonge, vrolijke hoofd van Rui voor mijn ogen. “I am your anesthesist,  hope you are comfortabel” . Ik wijs op mijn oren en zeg dat ik mijn hoorapparaten nog in heb. “Don’t worry, it is coming allright”. De narcose dondert als een tropische nacht mijn lijf binnen.

  • Blue Monday in de Alentejo

    De kou trekt langzaam door het open raam onze kamer binnen. Enkele seconden kom ik in de verleiding om het dekbed hoger over ons heen te trekken. Door mijn oogharen zie ik het lichter worden…. Huphup, douchen, aankleden, hok open. Luna kijkt en lijkt verstrooid. Ook zij voelt de frisse ochtend en de energie.

    We doen ons “Luna-loopje”. Het berijpte gras knispert onder mijn voeten en Luna’s poten. Boven de donkere, rafelige bomenrand aan de horizon gloort langzaam het ontwakende zonlicht. Dieprood wordt gevolgd door een streep oranje met vegen geel en gaat langzaam over in een helder blauw. De natuur rondom is wit. Wit van de vorst van afgelopen nacht.

    Iedere keer geniet ik van dit heerlijke Portugese ochtendweer. Frisse lucht, witte rijp, helder licht, ochtenden met een iriserende energie. We rennen en hupsen door het hoge witte gras…. Althans Luna. Ik zet aan met een stevige pas om onze dagelijkse ronde van 3 kilometer door het bos te lopen. Heerlijk om direct vanuit ons huis op o-vale-da-mudança te kunnen genieten van de ongerepte ochtend en natuur. Ik loop het pad naar achteren af. Luna zet er even een spurt in, hoort de honden van St. Maarten, wil spelen. De kou blijft uitdagend aan mijn gezicht hangen. Verkwikkend prikkelt een imaginaire snor aan neus en bovenlip. Ik blaas witte wolken en wordt er warm van. Aan het einde van het pad zie ik een sombere gedaante slenteren. Zwarte jas, donkerrode hoody verbergt zijn gezicht. Licht voorover gebogen, zich schuw omdraaiend als hij me ziet naderen. Ik steek mijn hand op als groet en daarna mijn schouders als ik geen reactie bemerk. Aan het eind van het pad draai ik rechtsaf en meteen daarna links om het kurkeikenbos in te gaan. Luna deed het tegenovergestelde, draaide linksaf, richting rode hoody en daarna rechts rond de honden van St. Maarten. Ze komt wel als ik doorloop, hoop ik. Galop achter me, rakelings scheert ze langs mijn benen. Verbeeld ik een grijns op haar snuit? Ik voel me vereerd dat ik verkozen ben boven haar speelhonden, denk ik….. ze rent door met een rotgang. Ze heeft buiten de lichte afdaling gerekend en dreigt haar evenwicht te verliezen, over de kop te slaan. Het gaat net goed en spurt de volgende heuvel op, het bos dieper in. Plots…. hakken in het zand, staart kaarsrecht naar achteren, kop iets vooruit en lager, nekharen, rechter voorpoot licht opgetild, concentratie, spanning, ingehouden adem… ze schiet vooruit, het konijn ook. Een run, een wedstrijd, een stofwolk. Het konijn schiet met een haakse bocht zijn hol in, Luna dendert door.

    De zon speelt door de takken van de kurkeik, stralen verlichten de blonde vacht van Luna die het heeft gehad met die konijnen. We zijn bijna weer bij het pad naar huis. Luna volgt gedwee als we St. Maarten passeren. Geen donkerrode hoody meer te zien, waarschijnlijk naar binnen. Zijn Blue-Monday vieren.

    De zon staat hoger aan een strakblauwe hemel, de akkers met onkruiden ontdooien in warmer wordend licht. In de schaduw van de bomen ligt de rijp nog op het gras. Ik moet denken aan werk van de Engelse kunstenaar, Andy Goldsworthy, waarin hij zijn berijpte schaduw in een ontdooit landschap heeft gefotografeerd. Die herinnering, de frisse ochtend en ons, door blauw omgeven, Alentejaanse landschap geven me energie. Ontbijten en hup, verder met onze herdershutten….. mijn perfecte blauwe maandag.

  • Big Brother is watching us

    Het is al avond. Het was een kille en koude dag vandaag. Mist overheerste ons stukje Portugal . Liever lezen dan werken en liever bij de openhaard dan buiten aan de slag…. Maar ja Liever bestaat niet altijd en ons bedrijf moet worden klaargemaakt voor het aanstormende voorjaar. De telefoon gaat….
    São, onze hulp vraagt of ze morgen met haar dochter Helena langs mag komen voor een fotoshoot. Nu kennen we Helena en die mag altijd langskomen voor een fotoshoot. De vraag vonden we licht vreemd.
    Helena komt om 10.30u met een fotograaf die er daadwerkelijk om 10.30u is. Vlug met São gebeld, “we zijn er over 10 minuten”. Dit geeft mij de gelegenheid om met de fotograaf, Rui Minderico, te praten. Hij is freelancer en werkt o.a. voor “Correio da Manhã”, een van de grote kranten van Portugal. Hij fotografeert voor het weekendmagazine van Correia da Manhã. Rapportages over mensen die er toe doen, persoonlijkheden en bekende sterren. Helena Isabel, zoals ze voluit heet, wordt door hem op de gevoelige plaat vastgelegd ofwel digitaal vereeuwigd. Toegegeven, Helena is een mooie meid ….. en komt uit Ferreira do Alentejo. Zelfs de burgemeester van ons stadje heeft trots een bericht op facebook geplaatst: E pronto…Ferreira a começar bem o ano! Feliz 2017! Trots dat wederom iemand uit Ferreira zijn stad op de kaart heeft gezet. Toeters, bellen, feest, enthousiasme. Rui laat wat voorbeelden van zijn werk zien.
    De oprit knarst, de lucht buldert….. de zilvergrijze BMW van Chico komt naar boven gestoven. Rui en ik kunnen amper aan de kant springen en in een glimp zien we de lachende gezichten van São en haar Chico. Het weerzien is zoals altijd: vrolijk en hartelijk. De nieuwjaarswensen ook . Dan zwaait de achterdeur open en met de grandeur van een wereldster stap ze uit, ons “buurtmeisje”. Niks hoogmoed maar vrolijkheid, lachen, omhelzingen en gewoon…. de dochter van onze hulp.
    De fotograaf knipt, dirigeert, bekijkt. Helena voor de nieuwe herdershut op ons terrein. Helena op een van onze zelf ontworpen palletstoelen op het gazon, Helena op de schommel aan de olijfboom, voor ons huis, bij het zwembad, in de Cabana. Helena wandelend over onze oprit en begroet door onze aanstormende hond Luna. Als een volleert model loopt, zit, draait Helena over ons terrein. In de buurt de knippende fotograaf….. die de regie al snel uit handen geeft, en ikzelf natuurlijk, want het komt niet alle dagen voor dat jouw habitat ineens wordt uitverkoren tot “beste bijrol” in een sprookjesfilm. De lichte vandaag-nevel maakt plaats voor zon. De camera’s knippen nog sneller en de vrolijkheid gonst door de lucht. Helena is aanwezig en heeft ook even tijd voor ons. Alle belevenissen van de laatste maanden in een half uur gepropt. Dan geeft de fotograaf aan dat hij moet vertrekken. Een volgende klus, het fotograferen van een interland deze avond, wacht. Ze stappen in hun auto’s. Grind schiet onder de banden weg als ze naar beneden scheuren…. nog de laatste foto bij onze poort beneden met Helena op het muurtje van o-vale-da-mudança en weg zijn ze. Daar verdwijnt onze winnares van de Portugese Big-Brother-live-show: Casa dos Segredos (part 6) in de verte.

  • Alentejo, van verborgen schatten en dierbare relaties

    Je leeft je leven en ineens is het 2004. Beiden een leuke, drukke baan, meer geld dan je kunt opmaken en een onbestemd na-je-veertigste-gevoel. Tevreden en toch dat DoeMaar-iaanse “is-dit-alles”gevoel. Het besef dat we destijds voor elkaar gekozen hebben en niet voor de hectiek en de gekte van alle dag waarin we meer naast dan met elkaar leefden en waar we langzaam in verzeild raakten.

    Dan het vakantiegevoel dat bijna iedereen wel kent: Dit is mijn plek, hier wil ik leven….. maar ja, voor ons was het niet meteen duidelijk: Italië trok en later Portugal. Uiteindelijk de knoop doorgehakt en in de winter van 2004 de kerstdagen doorgebracht in dat deel van Portugal dat we nog niet kenden. Het voelde goed. De zon, de mensen, de rust, de koele nachten, de eenvoud, de kleine dingen. Geen Algarvegekte voor ons, maar eerlijk boeren land. Simpel leven met de natuur en terug naar de basis…… nou ja, met een beetje comfort dan. Precies wat we ook graag delen met onze gasten.

    Het plaatsen van het bord “te koop” in de tuin van ons huis voelde confronterend. Nu was het definitief, we gaan vertrekken. Het moment waarop je denkt dat je weet wat het betekend maar nooit kan raden wat het echt met je gaat doen. Je zet een deur open, je laat iets moois achter en kijkt een blanco toekomst in….

    Nu terugkijkend op die dagen kunnen we trots zijn op wat er staat en wat we onze gasten kunnen bieden. Een heerlijk gastenhuis, Casa a Oliveira, voor 4 personen met comfort en een leuke mix van Portugese invloeden en eigen ontwerpen. Verrassend en toch vertrouwd. Een fijne plek voor onze gasten om in alle rust de mooie, soms verborgen schatten van de Alentejo te kunnen ontdekken, mensen te ontmoeten en die dingen te doen die belangrijk zijn in hun leven. Dit beviel meerdere mensen en, naast wat volgelingen hier in de buurt, hebben we zelf nog twee mooie projecten mogen realiseren en later beheren. Monte da Madeira, voor vrienden ontworpen en verscholen tussen olijfbomen in een ondiep dal en Ninho da Cegonha voor gasten die tijdens een vakantie in ons Gastenhuis ook hun passie voor deze streek, de Baixo Alentejo, voelden opborrelen.

  • Welkom

    Wij heten u van harte welkom op “o vale da mudança“.

    In 2005 zagen we dit dal voor het eerst. Gelegen aan de weg van Aldeia do Rouquenho naar Olhas golft het terrein zich links en rechts van de weg omhoog. De betekenis van de naam die wij aan ons landgoed hebben gegeven is “dal van verandering”. Voor ons was de aanschaf van dit terrein een eerste stap naar een totaal ander leven. Het was de start om afscheid te nemen van 2 leuke, hectische banen, een druk sociaal leven en een aan alle waarschijnlijkheid grenzende zekere toekomst. De uitdaging trok. De uitdaging om van dit glooiende weiland van ca 5 hectare een plek te maken waar mensen een heerlijke tijd kunnen doorbrengen, ver van drukte en mensenmassa’s en midden in de natuur.

    Inmiddels hebben we op de oostelijke heuvel een mooi gastenhuis, zwembad, cabana en ons woonhuis gerealiseerd en zijn we bezig om te bedenken wat we met de heuvel aan de andere kant van de weg gaan doen.

    Ondertussen wensen wij u als gebruiker van ons vakantiehuis “casa a oliveira”, ofwel “huis de olijfboom”, een heel aangenaam en rustig verblijf op “o vale da mudança”. Om het verblijf voor u zo prettig mogelijk te laten verlopen hebben we op de volgende pagina’s wat informatie opgenomen over het huis, de omgeving en de streek.

    Margriet en Wiro